Snel gas terug
Het wordt hoog tijd om gas terug te nemen. Al ruim een maand loop ik gemiddeld zo’n 75 kilometer per week. Andere hardlopers lachen er wellicht om, maar 300 kilometers per maand is toch wat teveel van het goede voor een Turboslak.
Slakkenvoetjes die een beetje au doen
Ik heb wat last van zere pootjes maar — en da’s een stuk belangrijker dan voetjes die een beetje au doen — mijn motivatie om te gaan hardlopen neemt zienderogen af. Eenmaal op pad gaat het wel, maar de laatste dagen moet ik mezelf echt de deur uit knuppelen.
Ik hou mezelf voor dat het komt door het ongelooflijk depressieve winterweer, maar daar had ik een week of drie geleden totaal geen last van. Terwijl er toen in de Noordoostpolder meer sneeuw lag dan in Siberië en het er bijkans even koud was. Dus het is gelul om mijn gebrek aan hardloopmotivatie op het KNMI af te wikkelen.
Weinig zin
Laat ik eerlijk zijn, ik heb gewoon weinig zin om te gaan hardlopen. En da’s niet goed. Ik zou als een jonge hond met een volle blaas aan de deur moeten staan te janken en krabben. Eager om op pad te gaan. In plaats van mijn loopjes als een soort van belasting te zien.
Poot van het gas
Natuurlijk ben ik het hardlopen niet zat. Als je eenmaal verslaafd ben raak je er niet zomaar vanaf. Ik bedoel, bier drink ik ook nog steeds zonder problemen — ook al belast je me met een kratje of vier per week
Ik vermoed dat ik m’n loopenthousiasme snel terug krijg als ik eventjes wat rustiger aan doe. Wat zeggen ze ook alweer in die ene overheidsreclame van de Doeks uit Hasselt? Poot van ‘t gas en uit laten rollen! Dat klinkt als pretty damn good advice, ook al heb je geen brandstof te besparen. Het is in elk geval precies wat ik ga doen zodra ik februari op de scheurkalender zie staan. Snel gas terug!
Loopschema
Terwijl ik relaxt in z’n vrij uitrol en het lekker rustig aan doe, ga ik een goed loopschema verzinnen voor de komende maanden. Tenslotte moet er in april wel een marathon gelopen worden …
Ik droomde van de lente
Vannacht droomde ik dat ik een stukje ging hardlopen. Op de eerste dag in 2010 die je lente zou kunnen noemen. Ik was vol energie en eager om naar buiten te gaan — zo eager als een jonge hond met een te volle blaas.
In de lucht waren er meer frisse geuren te ruiken dan ze ooit in een wasmiddelenreclame (zoals van dat nare kutbeertje Robijntje) weten te proppen.
Ik ging op pad. Witte slakkenbenen waren voor het eerst weer eens in een korte broek gestoken. Dat voelde onwennig en heel erg prettig tegelijkertijd. Het kwik van de thermometer gaf trouwens een aangename 17 graden Celcius aan. In een polder die in het prachtigste felgroene kleed gestoken was had ik het gevoel dat ik voor eeuwig wilde blijven rennen.
Zie je het al voor je? Ik wel …
Bye bye obesitas
aan de bak in 020
Pose hardloopclinic
Een faire Deal
Zondagmiddag in de hel

Zo ontzettend groen


















