Eindelijk stil. Heel even dan
“Ga toch eens een stukje rennen joh. Da’s goed voor je.” Onbegrijpelijk, dat ze blijven roepen dat hardlopen zo gezond is.
Hardlopen goed voor je?
Hardlopen goed voor lijf en leden? Ik betwijfel het. Voor je het weet ren je tegen een nare achillespeesblessure ofzo aan. Strompel je de komende zes weken als Carla de Kreupele Kip door het leven.
Ook het heilzame effect van hardlopen op de menselijke psyche wordt schromelijk overschat. Zelf kan ik bijvoorbeeld nogal dwangmatig worden van een rondje rennen. Zoals toen ik op pad ging voor een lange duurloop. Aangename buitentemperatuur, nauwelijks wind en een vriendelijk lentezonnetje. Wat wil je nog meer als turboslak zou je denken?
Uiterlijke schijn
Met een glimlach om mijn lippen ga ik op pad. Maar dat hardloopgeluk is maar uiterlijke schijn. Niks meer dan een dun laagje klatergoud. Net onder het oppervlak van mijn grijns is het anarchie. Met of zonder iPod, het is doorgaans een oorverdovende herrie in mijn hardloophoofd.
“Hartslag op 135 houden. Op 135. 135!”, schreeuwt het ratje-met-een-dwangneurose in de mallemolen van mijn slakkenbrein. “Damn, let nou op. Wat hebben we nou afgesproken? Je gaat te hard. Gas terug. Blijf in je zone.”
Mezelf onderwerpen aan het keurslijf van (hardloop)regels is nogal moeilijk voor me. Het is een continue strijd tussen verstand en gevoel.
Kneuzenkermistempo
Een hoofd vol herrie, zo gaat het bijna twintig kilometer lang. Met een slakkengang van 135 slagen per minuut kruip ik rond het dorp. Op een gegeven moment word ik zelfs ingehaald door een mollige schildpad — een zo te zien nogal oververhitte midlife huisvader. Er krult een triomfantelijk lachje om zijn lippen als hij me voorbij kruipt.
Het liefste zou ik opschakelen om een praatje te maken: mijn manier om te laten zien dat ik nog helemaal niet moe ben en mezelf alleen verlaag tot dit kneuzenkermistempo omdat ik heb besloten dat 135 slagen per minuut de absolute bovengrens is vandaag. Ik hou de eer aan mezelf, zeg hoi en volhard in mijn tempo.
Minderwaardigheidscomplex
Papa Schildpad geeft er de brui aan. Gelukkig, want ik hou het echt niet meer. Mijn laatste restje wilskracht om tot het eind braaf voort te schuifelen in de beoogde hartslagzone verdampt. Ik moet een dreigend minderwaardigheidscomplex van me afrennen.
Het is alsof een alcoholist een twee-en-half uur durende preek over de duivel van de drank heeft aangehoord en bij het verlaten van God’s Huis een mobiele tap ontwaart aan het einde van het kerkepad. Daar is geen kruid tegen gewassen. Vergeten zijn alle vrome bedoelingen.
Stil in m’n hoofd
Rennen! Ik kan er echt niks aan doen. De laatste kilometers loop ik mezelf helemaal leeg. Echt hard gaat het natuurlijk niet, maar voor mijn slakkengevoel race ik. Dat — nogal subjectieve — gevoel van snelheid is heerlijk. In mijn hardloophoofd wordt het in elk geval stil — heel eventjes dan.
Disclaimer
Turboslak komt niet altijd even handig uit de hoek. De kans is dan ook aanwezig dat iemand’s tere zieltje in het gedrang komt, ergens in de maelstrom van Turbo’s schrijfsels. Bij voorbaat excuses daarvoor. Misschien was het niet zo bedoeld. Daarnaast is het aan te raden om de inhoud van deze website met het nodige zout — type likblok voor koeien — te nemen. Werkelijkheid en fantasie lopen nogal eens door elkaar. De enige stuff die Turboslak nooit door een roze bril zal bekijken zijn de cijfertjes en grafieken. Hoezeer dat ook wenselijk is.
Bye bye obesitas
aan de bak in 020
Pose hardloopclinic
Een faire Deal
Zondagmiddag in de hel

Zo ontzettend groen


















